Dali

Dali

Vrijdag 23 oktober 2009
Dag 20: Dali

Denkend aan China zie ik rijstvelden in een oneindig landschap staan. Helaas is het oktober en is alles al geplukt. Dat was zo’n beetje het voornaamste uitzicht vanaf het luxe busje dat ons vandaag naar Dali bracht. Ook gingen we nog door de bergen en kwamen we langs het Erhai-meer, dat zijn naam heeft te danken aan de vorm van een oor. Uiteraard maakten we in de vier uur durende rit ook nog een fotostop (van de terrassen en het mooie meer) en een plaspauze (niet kijken, gewoon zeiken). Rond lunchtijd kwamen we aan in Dali en checkten we in bij het Landscape hotel. In tegenstelling tot het MCA Hotel in Lijiang heeft dit hotel gelukkig wel warm water. Echter moeten we het wel doen met een douche dat tevens dienst doet als hurktoilet. Opmerkelijk, aangezien het een 4-sterrenhotel is met allerlei faciliteiten. Aangezien slechts één kamer schoongemaakt was op het moment dat wij kwamen, besloten we eerst een uitgebreide lunch te nemen, waarbij we ons lieten verrassen met de gerechten die Lia voor ons bestelde. We waren blij dat alles goed smaakte. Met z’n drieën hebben we vervolgens een stukje door de oude stad gelopen (waar het hotel ligt), en wel door de zogenaamde Foreigners Street, dat weer bomvol zat met toeristenwinkeltjes en barretjes. Alhoewel het hier ook wel druk was, was het lang niet zo erg als in Lijiang. Misschien wel omdat er in de omgeving genoeg te doen is, zoals het bezoeken van drie pagodes uit de 9e eeuw, welke als een van de weinige bouwwerken hier de Culturele Revolutie heeft weten te doorstaan. Na twee kilometer gelopen te hebben, bereikten we deze drie prachtige bouwwerken. Alhoewel de twee buitenste ‘slechts’ 42 meter hoog zijn, is de middelste maar liefst 70 meter hoog en bestaat hij uit 16 verdiepingen. Je kon er echter niet in, dus je zou zeggen dat het toegangskaartje van 121 yuan (of 62 yuan voor studenten met een studentenkaart (welke ik deze vakantie overigens al vaker heb kunnen gebruiken voor gehalveerde tarieven)) wat aan de hoge kant is. Er was echter ook nog een zeer grote tempel (Chongsheng) achter de pagodes, welke weer eens uit vele gebouwen en pleintjes bestond. Aangezien deze wel was verwoest, is deze gerenoveerd/heropgebouwd, wat vooral aan de beelden heel goed te zien was. Deze zagen er namelijk niet echt mooi uit. Ze waren dan wel heel kleurrijk en gaaf (qua oppervlak) uit, maar echt authentiek waren ze niet. Een beetje jammer. Na een diner van kip en zwarte bonen in het hotel en een rondje langs de winkeltjes van de oude stad, kwamen we bij een cafeetje de vier personen van de andere Shoestring-groep tegen. We hebben weer wat verhalen uitgewisseld en gingen vervolgens onze eigen weg. Dit was namelijk hun laatste avond in Dali, terwijl wij nog twee volle dagen hebben. Omdat er in die dagen genoeg te doen valt, gingen we terug naar het hotel om lekker te slapen.

Zaterdag 24 oktober 2009
Dag 21: Ga toch fietsen!

Na genoeg nachtrust en een lekkere warme douche, konden we genieten van een uitgebreid ontbijtbuffet in het restaurant van het hotel. Voor ieder was er wel iets wils. Volgens de Lonely Planet is het Erhai meer een prima meer om omheen te fietsen. Echter, aangezien het nogal aan de grote kant is, zou je er minstens twee dagen voor uit moeten trekken. Dat vond ik teveel van het goede, dus besloot ik slechts een stukje te fietsen. Gelukkig bood het hotel voor maar 20 yuan per dag een fiets aan, dus lang hoefde ik niet op zoek naar een goede mountainbike (weliswaar ietwat aan de kleine kant, maar toch goed genoeg). Via de weg die we gisteren hebben gelopen naar de drie pagoda’s, trok ik noordwaarts. Rechts van mij bevonden zich allerlei akkers, waarop vele mensen bezig waren met de restanten van de jaarlijkse oogst. Daar weer rechts van zat de drukke autoweg waarover we gisteren waren gekomen (en niet echt fietsvriendelijk is). Pas na nog meer akkers zat dan het meer. Echt naast het meer fietste ik niet, maar ach, uitzicht had ik genoeg. Links van me bevonden zich, hoe kan het ook anders, akkers, waarna de hoge bergen begonnen. Het was prima fietsen met de mountainbike en na zo’n 20 minuten was ik al blij dat ik geen gewone fiets had gekregen. De geasfalteerde weg hield er namelijk mee op en de rest van de weg was een brede zandweg met stenen, heuveltjes en kuiltjes. Op diverse plekken waren mannen bezig aan de weg, sommigen in grote tractoren of andere wagens. Waarschijnlijk zal deze weg in de toekomst geasfalteerd zijn, maar nu helaas nog niet. Toch viel het fietsen nog best mee en kwam ik meestal wel vlot vooruit. Helaas was het af en toe wel even stofhappen als er een vrachtwagen voorbij kwam, maar dat deerde me niet. Het was in ieder geval prachtig en zonnig weer, wat natuurlijk heerlijk was, ondanks dat het het fietsen enigszins wat zwaarder maakte. Vanaf een fiets is het uitzicht stukken leuker dan vanuit een busje. Ook krijg je veel meer kansen om leuke foto’s van de mensen om je heen te maken. M’n zoomlens kwam hierbij goed van pas, zodat ik niet per se onder iemands neus hoefde te staan. De Chinezen die ik tegenkwam, waren aan het werk in de bouw, op het platteland, of in een winkel. Anderen waren weer spullen aan het verslepen en weer een ander lag lekker te luieren. Ook kwam ik nog genoeg kinderen tegen die samen aan het spelen waren, of alleen op hun fiets, skateboard of waveboard (die zijn hier ook erg populair) aan het rondrijden waren. Waar ik ook fietste, iedereen keek me in ieder geval aan/na. Westerlingen zijn en blijven interessant natuurlijk. Sommigen doen vervolgens nog hun best om hun enige Engelse woordje naar me te roepen: ‘hello’. Anders is ‘ni hao’ ook nog altijd te begrijpen. Naast mensen kwam ik ook nog genoeg dieren tegen, zoals ganzen, vogels, honden en ontzettend veel spinnen. Deze spinnen waren vaak behoorlijk groot en zaten met velen bij elkaar in grote webben. Een heel apart gezicht om te zien. Mijn idee was om naar een dorpje te fietsen met een ochtendmarkt, om vervolgens door te gaan naar een dorpje iets verderop met een middagmarkt. Ik heb geen idee of ik in één van de dorpjes ben geweest (maar ik denk van niet, omdat het fietsen op de zandweg toch net wat langzamer ging), maar een markt heb ik in ieder geval niet gezien. Nou ja, wel een superkleine, maar ik denk dat dat niet degene was die ik wilde aandoen. Op een gegeven moment besloot ik om terug te gaan, aangezien ik dit lange fietsen natuurlijk niet gewend ben en ook nog een aardig stuk (zo’n 2,5 uur) terug moest. Voor de afwisseling keek ik of er een pad langs het meer was. Dit was er niet echt, maar ik kwam wel redelijk in de buurt, door een stuk door smalle straatjes van kleine huisjes en boerderijtjes te fietsen, waarbij ik af en toe tussen de gebouwen door het meer van dichtbij zag. Hier bevond ik me letterlijk tussen de lokale bevolking, totdat ik tussen de akkers in reed en even later genoodzaakt was de drukke weg weer over te steken en m’n route te vervolgen over de zandweg. Ondanks dat de zon fel bleef schijnen, had ik nu helaas wel wat tegenwind. Gelukkig was ik halverwege de middag weer terug bij het hotel om uit te rusten. Hierna ben ik nog door de winkelstraatjes van Dali gelopen, waar uiteraard weer veel toeristenwinkels zaten. Grappig genoeg was er zelfs een winkel dat helemaal gespecialiseerd was in eetstokjes! Toen ik wat later naar de supermarkt wilde gaan, kwam ik Lia tegen, waarna we besloten om maar samen te gaan dineren in een lokaal restaurantje. Dit beviel ons goed. Op een gegeven moment kwamen Rolph en Gwennie ook nog langs, die een tocht over de bergen hadden gemaakt, waarbij ze een uitzicht hadden over het meer. Hierna bezocht ik dan eindelijk de supermarkt. Dat is trouwens ook een leuke bezigheid, omdat je hier vaak vreemde producten tegenkomt, zoals bakes fruit in gelatine en veel verpakt gedroogd vlees. (Ze verkopen hier trouwens ook Pringles in zeewier-, garnalen of krabsmaak!) Op de hotelkamer kon ik vervolgens, met een sterke afscheiding (van de zon) tussen m’n bovenarm en onderarm (en bij m’n horloge), lekker tot rust komen.

Zondag 25 oktober 2009
Dag 22: Schip ahoy!

Vandaag was opnieuw een dag die anders verliep dan van tevoren gedacht, maar desondanks heb ik me prima vermaakt. Nadat ik tot 9.30 uur had uitgeslapen, heb ik op m’n kamer een ontbijtje genomen, aangezien het ontbijtbuffet toen al afgelopen was. M’n plan was om vervolgens naar Caicun te lopen, een dorpje dat ten oosten van Dali aan het meer ligt. Volgens de Lonely Planet zou dit zo’n 50 minuten duren en kon je dan een boot naar Wase nemen, een dorp ten noordoosten van het meer. Vol goede moed liep ik richting het oosten en stak ik even later de drukke weg over. Nu zag ik langs het water verschillende dorpjes met huizen, dus het was een gokje welke afslag ik nu moest nemen. De Chinese verkeersborden hielpen niet echt. Op een gegeven moment ben ik maar afgeslagen: dichter bij het meer zou het wel duidelijk zichtbaar moeten zijn. Ik liep door enkele spookstraatjes heen, met gebouwen met gesloten deuren en ramen en waar geen kip te bekennen was (maar wel een hond). Wat later kwam ik er achter waar iedereen zat: bij elkaar in een straatje, waar iedereen van een grote zondagse dorpslunch aan het genieten was! Vervolgens kwam ik weer langs akkers, waarop ook vandaag genoeg mensen aan het werk waren. Na nog een lange straat en wat andere kleine steegjes, waar iedereen me opnieuw bleef nastaren, kwam ik weer bij akkers terecht, waarna ik vervolgens niet verder kon. Het water was niet ver meer, maar het was me allang duidelijk dat ik hier verkeerd zat. Ik gaf het op en probeerde de weg terug te vinden, welke ik even later vond. Gelukkig kwam op een gegeven moment een lokale bus langs, zodat ik niet alles terug hoefde te lopen. Om 13.00 uur was ik dus weer terug in het hotel. Tijd voor poging 2, waarin ik gewoon maar met de lokale bus naar Caicun be gegaan. Ik kwam tot grote vreugde aan bij een weggetje met toeristenwinkeltjes, met aan het eind een pier met boten. Je kon hier een ticket voor 15 euro kopen, maar waarvoor en waarheen werd me niet echt duidelijk. Toch besloot ik het er maar op te wagen, want ik wilde wel varen over het meer! Aangezien er een boot op het punt stond om uit te varen, gebaarde een man aan wal dat ik moest rennen om hem te halen. Na een sprintje en een sprong bevond ik me met zo’n twee dozijn Chinese toeristen op de boot, welke tot mijn verbazing niet naar het noordoosten vaarde, maar naar het zuidoosten! De boottocht was in ieder geval wel prachtig! De zon stond hoog aan de hemel en liet het water mooi glinsteren. Om ons heen vaarden enkele andere bootjes en verder hadden we uitzicht op de westelijke en oostelijke kust, met daarachter de bergen. Een lekker windje zorgde nog voor wat golven en schommelingen met de boot. De Chinese toeristen waren wel grappig, aangezien ze met me op de foto wilden (en ik ook wel met hen) en ze wat later plots met z’n allen begonnen te zingen! Na een klein halfuurtje meerde de boot aan de overkant aan bij wat later Tianjing Pavilion bleek te zijn. Hier kregen we door een Chinese gids een zo’n 30 minuten durende rondleiding. Heel veel was er echter niet: een paar gebouwtjes en een tempel die je kon beklimmen voor een mooi uitzicht op de omgeving. Ik liep terug naar de boot waarvan ik dacht dat ik er mee gekomen was. Nadat deze vol was, begon hij te varen, opnieuw naar het zuidoosten, terwijl een andere boot wel terug naar het noordwesten ging! Ik begon te twijfelen of de Chinezen op de boot dezelfde waren als op de heenweg. Vragen stellen had geen enkele zin. Gelukkig had ik een foto van enkele personen op de heenweg en gelukkig spotte ik hen op de boot. Nu was het echter de vraag waar we heengingen. Dit bleek Jinsu Island te zijn, een klein eilandje in het meer. Hier werden we afgezet en ontvangen door allerlei marktkooplui met van alles en nog wat. Een kraampje had allerlei creaties van schelpen, wat wel erg leuk was om te zien. Vele andere kraampjes hadden echter eten liggen. Kleine gebakken visjes, hele schelpen, grote en platte opengereten vissen, garnaaltjes, kreeftjes. Af en toe had ik ook het idee dat er insecten lagen, maar van maar weinig was ik zeker wat het was. Het eilandje zelf had verder weinig te bieden, op enkele gebouwtjes en iets dat op een schooltje leek na. Ik hield de groep nauwlettend in de gaten, aangezien ik niet wist wanneer we weer zouden gaan. Een van de Chinezen bood me nog wel een hapje van z’n bord aan, maar dat sloeg ik vriendelijk af. Toen het eenmaal zover was, gingen we weer helemaal terug naar waar we begonnen waren. Dat was me het tripje wel! Maar leuk was het zeker. Met de bus ging ik terug naar het hotel, waar Leon me kwam vertellen dat we morgen om 5.30 uur zullen vertrekken. Dat wordt dus vroeg naar bed gaan! Rolph lag echter al op bed, aangezien hij zich niet lekker voelde. Daarom ben ik alleen met Gwennie in een restaurantje gaan eten. Voor de verandering nam ik hier macaroni bolognese (het is hier immers een toeristisch stadje), wat me prima smaakte.

Maandag 26 oktober 2009
Dag 23: Het woud van steen

Wederom was het een dag die anders verliep dan gedacht. Het begon bij de nacht, waarin we alledrie nauwelijks een oog hebben dichtgedaan. Rolph was nog steeds goed ziek en had Gwennie ook al aangestoken. Of misschien kwam het bij Gwennie door het eten van gisteren, net als bij mij. Ik voelde me beroerd en misselijk: blijkbaar dacht m’n maag anders over die macaroni. Verdere details zal ik voornamelijk achterwege laten, maar nadat bij mij alles eruit was gegaan om 5.00 uur, voelde ik me in ieder geval al beter. Iets later dan gepland vertrokken we om 5.40 uur op weg naar Kunming. Tot onze verbazing stond er voor de deur van het hotel een 30-persoonsbus klaar! Helaas was hij wel aan de rammelende kant, dus een enorm fijne rit hebben we niet gehad, ondanks dat we op de rustige snelweg vlot konden doorrijden. Rond 10.30 uur kwamen we aan in Kunming, van waaruit we door zouden rijden naar het Stenen Woud, om er dan in de avond de trein naar Yangshuo te nemen. Rolph en Gwennie trokken het echter niet meer en vroegen om een hotelkamer, waar ze ‘s middags tot rust konden komen, in de hoop wat te herstellen. Alhoewel ik me ook nog niet kiplekker voelde en ook wat moe was, wilde ik het Stenen Woud niet overslaan. En achteraf gezien was ik blij met m’n beslissing: dit had ik voor geen goud willen missen! In plaats van met de touringcar te gaan, namen Leon en ik een taxi, welke ons in een uur tijd naar dit adembenemend mooie gebied bracht. Leon ging zelf niet mee naar binnen, maar gaf me wel 3 uur de tijd om dit uitgestrekte ‘bos’ van steen te verkennen. En of ik dit gedaan heb! Alvast een tip voor als je nog eens naar het Stenen Woud wilt gaan: de route die de gidsen lopen is de minst interessante route die je maar kunt nemen. Die moet je slechts nemen als je tussen grote en drukke groepen fotograferende en luid pratende Chinezen (het lijken wel kleuterklassen) het woud snel en oppervlakkig wilt bekijken. Als je dit bijzondere natuurfenomeen echter wilt ervaren, dan raad ik je aan zodra het kan de kleinere zijpaadjes te nemen. Wat een ongelooflijk avontuurlijke ervaring is dat! Het Stenen Woud is een heuvelachtig gebied met ontzettend veel rotsen in de meest gekke vormen en allerlei formaten. Het is onmogelijk dit in woorden te beschrijven. Tijdens mijn route kwam ik langs hoge pieken, diepe kliffen, nauwe doorgangen en kleine verborgen grotten met water. Ondanks dat ik wel over een aangelegd pad ging, was het duidelijk dat dit niet het toeristenpad was, aangezien ik af en toe behoorlijk moest klauteren en bukken en op moest passen niet zeer lelijk tussen de rotsen terecht te komen. Hier was de rust ook wedergekeerd en slechts af en toe kwam ik een andere avonturier tegen. Ook kwam ik nog bij een hoog punt waarop je een prachtig uitzicht had op de groene velden vol met rotsen. In drie uur tijd heb ik een behoorlijk deel van het woud kunnen zien en nog vermoeider dan ik al was, kwam ik terug bij Leon. Met de taxi gingen we weer terug naar de grote en hectische stad die Kunming heet. Hier haalden we Rolph en Gwennie op, waarna we naar het treinstation reden. Om 18.23 uur namen we hier voor de derde keer de nachttrein, waarmee we morgen rond lunchtijd in Guilin zullen aankomen. Na een bakje noodles als diner konden we hier eindelijk lekker uitrusten.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *